Gemeenten passen steeds vaker selectieve toegang toe om de juiste balans tussen verkeer en verblijfsruimte te vinden. Zo kunnen we flexibel met tijd en ruimte in het centrum omgaan. Gemeenten kunnen zelf bepalen wie, waar en wanneer toegang krijgt. Daarnaast hebben zij meerdere opties om de toegang te handhaven, bijvoorbeeld met camera’s of beweegbare pollers. Selectieve toegang biedt gemeenten dus kansen; er is meer maatwerk mogelijk. Bovendien kan digitalisering het aanvraagproces van een vergunning of ontheffing simpeler maken. 

Tegelijkertijd zorgt dit relatief nieuwe instrument voor nieuwe uitdagingen. Maatwerk gaat vaak ten koste van eenduidigheid. Met de toename van het aantal regimes neemt het aantal borden toe met bijbehorende beleidsregels voor uitzonderingen. Beleid wordt met al deze regimes en gebieden lastiger uitvoerbaar en minder goed uitlegbaar. Temeer omdat verschillende gemeenten ook vaak verschillende toegangsregels hanteren. Deze lappendeken van regimes en regels is niet alleen voor het bedrijfsleven ongewenst, maar gemeenten hebben zelf ook behoefte aan meer eenduidigheid. 

In de sessie (via ms teams) op 14 april van 11:00 tot 12:30 uur slaan de G40, DMI, Haskoning, Vervoerregio Amsterdam en TLN de handen ineen. We delen kennis over toegangs- en ontheffingenbeleid. Denk onder andere aan onderwerpen als: bebording, venstertijden, ontheffingen en handhaving. 

We belichten niet alleen het perspectief van beleid en gemeenten, maar ook de kant van het bedrijfsleven. Vragen die aan bod komen zijn: 

  • Wat is de impact van krappere venstertijden op logistiek? 
  • Wat is een passend ontheffingenbeleid? 
  • En wat zijn de handhavingsopties?

Opgeven kan bij Jasper van Beveren jasper.vanbeveren@rebelgroup.com